Je bekijkt nu De stamvaders van de familie Van der Slot.
Het gezin van stamvader Louris Huijbertszoon van der Slot

De stamvaders van de familie Van der Slot.

Voorafgaand aan de publicatie van de stamboom van de familie Van der Slot door de Noordwijkerhoutse genealoog Bert Hogervorst is lang en gedegen onderzoek verricht naar de stamvader van de familie. Een stamvader is de oudste bewezen voorouder en in het geval van de familie Van der Slot was dat tot voor kort Leendert Corneliszoon van der Slot die rond 1650 geboren moet zijn.

Voor direct bewijs voor oudere generaties zijn onderzoekers aangewezen op geboorte-, huwelijks- en overlijdensgegevens uit kerkelijke archieven. Helaas zijn die archieven pas vanaf de 17e eeuw beschikbaar en als het om katholieke families gaat doorgaans pas in het laatste deel van die eeuw. De geboortedatum van Leendert van der Slot was daarom niet te vinden en daarmee ook de namen van zijn ouders niet. Ook in andere bekende bronnen komt Leendert nauwelijks voor en daarmee liep de zoektocht aanvankelijk vast. Achteraf gezien was het feit dat de familie woonde in het grensgebied van Oegstgeest, Valkenburg en Voorschoten een complicerende factor.

Maar soms kan je met een beetje geluk op oudere familiewortels stuiten. Dat geluk kwam kort na de publicatie van het stamboomboek in de vorm van een bij toeval ingekeken akte van een Leidse notaris uit 1648 waarin een Louris Huijbertszoon van ’t Sloth genoemd wordt. Een andere schrijfwijze van de familienaam maar interessant vanwege de combinatie met zijn woonplaats Voorschoten. Met deze kansrijke combinatie van naam en woonplaats was een volgende stap dezelfde Louris te zoeken in de betrouwbare belastingregisters van 1623 van de Bollenstreekdorpen. Weliswaar een 25 jaar oudere bron, maar misschien wil het geluksengeltje nog voor een tweede keer een handje toesteken. En in die bron, het zogenaamde Hooftgelt 1623, komen we inderdaad een Louris Huijbertszoon tegen, maar dan in Valkenburg en niet in Voorschoten.

Louris wordt door de dorpsbestuurders van Valkenburg niet met achternaam vermeld maar wel met vrouw en kinderen. En onder die kinderen een Cornelis. Gegevens waarmee we de schakel naar kleinzoon Leendert Corneliszoon van der Slot uit het stamboomboek gevonden zouden hebben, al is het bewijs nog niet dikker dan een nacht ijs. Met nieuwe energie zijn vervolgens alle beschikbare bronnen nog eens doorgespit en de groeiende stroom aanwijzingen leverden met elkaar het bewijs voor de volgende oudste voorouders of eerste generaties van de Bollenstreekfamilie Van der Slot.

0. Huijbert ?zoon , geboren 1550/70
1. Louris Huijbertszoon van ’t Slot(h), geboren rond 1594
2. Cornelis Louriszoon van ’t Slot(h; Slot), geboren in 1619
3. Leendert Corneliszoon van der Slot, geboren 1646-1650

1. Stamvader Louris Huijbertszoon van ’t Sloth.

Van Huijbert, de vader van Louris Huijbertszoon van ’t Sloth weten we te weinig om hem definitief als stamvader te benoemen, zijn bestaan is afgeleid van het patroniem “Huijbertszoon” van Louris. Daarom hanteren we hier als stamvader Louris van ’t Sloth aan die geboren is in of kort voor het jaar 1594. Mogelijk was zijn ouderlijke gezin toen al nabij het Haagse Schouw woonachtig. In 1614 of 1615 trouwt Louris, zo’n 21 jaar oud en voor de wet nog geen volwassene, met Aaltje Cornelisdochter. We hebben helaas geen achternaam voor haar en we weten ook niet waar dat huwelijk plaatsvond. In 1623 blijkt uit het Hooftgelt van Valkenburg, een belastingregister, dat het gezin van Louris en Aaltje uit vijf personen bestaat, waaronder de kinderen Gerrit (geboren 1615), Cornelis (1619) en Huijbertje (meisje, tussen 1619 – 1623 geboren). Er zijn geen andere kinderen bekend. Het geboortejaar van Gerrit en Cornelis is vrij zeker, omdat in een later document hun leeftijd vermeld staat. Omdat zij in Valkenburg in de boeken staan werd het gezin dat jaar tot de inwoners van dat dorp gerekend. Enkele jaren later vallen zij onder Voorschoten en wonen dan aan de Oude Rijn, dicht bij het Haagse Schouw in een smalle corridor die tot dat dorp behoort.

Informatie over Louris komt soms uit onverwachte hoek. In hetzelfde jaar als het Hooftgelt laat Louris van ’t Sloth door een notaris vastleggen dat hij oprecht berouw heeft wegens lasterlijke taal richting Cornelis Joostenszoon van Egmond uit Leiden. Scheldpartijen en laster werden in die tijd zeer serieus genomen, je kon ervoor gestraft worden. Volgens Louris, rond de 30 jaar oud, was hij “wat hoog bij de bieren” geweest. Dat klinkt bijna dichterlijk en mooier dan onze huidige uitdrukking: “was onder invloed” of “was dronken”.

Excuus”-akte Louris Huibertszoon van ’t Sloth, 1623, met zijn merk (het staande pijltje ) als handtekening

Drie jaar later, in 1626, koopt Louris een stuk grond van de erfgenamen van Jan Dirckszoon Stien, waarop hij reeds een nieuwe woning heeft laten bouwen. Met de aantekening “buitendijks”, deze grond ligt dus direct aan de Oude Rijn in het ambacht Voorschoten, nabij het Haagse Schouw. Hij tekent hierbij voor 820 gulden een schuldverklaring bij dezelfde erfgenamen. Deze lening wordt afgelost in 1653 als hij het huis verkoopt. Van deze lening weten we ook nog dat bouman (boer) Louris van ’t Sloth in 1628 zijn rente en aflossing betaalde door de overdracht van drie “koebeesten” aan de familie Stien. Betaling in natura was niet ongebruikelijk in die tijd en duidt in de regel op een tijdelijke krapte aan contanten.

De woonlocatie van Louris is op onderstaand kaartje uit 1687 terug te vinden, het is één van de huizen tussen “het Schou” en de “Cortewateringssluys”, tegenover een steenoven aan de andere zijde van de Oude Rijn. In een acte (1638) wordt bevestigd dat hij aan de westzijde van het Haagsche Schouw woonde, tussen dat Schouw en de nabij gelegen Corte Watering. Met achter het huis de Hoge Rijndijk, nu de Voorschoter of Valkenburger weg, ongeveer ter hoogte van de brug in de A44 over de Oude Rijn. Ook de kinderen van Louris en Aaltje zullen aan dit deel van de Oude Rijndijk komen te wonen. Het is een smalle corridor die nog onder het ambacht Voorschoten viel en ingeklemd werd door Valkenburg, Wassenaar, Oegstgeest en Leiden. In het buurtschap rond dit Haagse Schouw was opvallend veel bedrijvigheid. Naast een steenbakkerij, een kalkoven en het tolhuis met herberg bij het Schouw werden er schepen gebouwd en was er een klein haventje.

De locatie van het huis van Louris van ’t Sloth, ten westen (links) van het Haagse Schouw, aan de Hoge Rijndijk. kaart HH Rijnland 1687

In 1639 koopt Louris van ‘t Sloth voor 156 gulden een Rijnscheepje bij Willeboort Corneliszoon van Oostenrijck, een bekend scheepmaker aan het Haagse Schouw. In 1645 wordt door Willeboort voor 98 gulden opnieuw een Rijnschip geleverd. Direct wonend aan de Oude Rijn, met landerijen aan de overkant van het water van de Oude Rijn valt aankoop van schepen door Louris goed te plaatsen.

In december 1651 trouwt weduwnaar Louris Huijbertszoon van der Sloth met Marijtje Jacobsdochter uit Stompwijk; zij woont aan de Noord Aa en is weduwe van Willem Joppen Cramson. Louris is dan zo’n 55 jaar oud. Beiden verloren hun eerste echtgenoten kort voor dit huwelijk. Het echtpaar gaat in Zoeterwoude wonen. Louris Huijbertszoon zal echter binnen een paar jaar opnieuw weduwnaar worden Hij vestigt zich aan het einde van zijn leven in Leiden. Daarvoor verkoopt Louris in 1653 zijn huis aan de Rijndijk in Voorschoten. Het huis wordt opnieuw omschreven als staande tussen het water van de Oude Rijn en de Rijndijk, dus buitendijks. Binnendijks lag nog een stuk grond van Louris en hij had volgens een document uit 1649 in dat jaar ook nog landerijen in Valkenburg. Opbrengst van de verkoop van het huis is 943 gulden waarmee het restant van de hypotheek uit 1628 wordt afgelost. Laatste vermelding van Louris is in een document uit augustus 1658, hij is dan “omtrent 64 jaar” en woont in Leiden. Het noemen van zijn leeftijd geeft ons de belangrijke aanwijzing voor zijn geboortejaar, rond 1594.

Uitwerking gezin Louris Huijbertszoon van der Sloth, geboren circa 1594, overleden na 1658
A.Trouwt ca 1614: Aaltje Cornelisdochter, ovl ca 1651, met haar drie kinderen: Gerrit, Cornelis en Huijbertje
 – Gerrit Louriszoon trouwt 18-5-1642, Leiden met Neeltje Jansdochter van Velsen, woont aan de Hoge Rijndijk in Voorschoten
 – Cornelis Louriszoon, zie onder 2
Huijbertje Lourisdochter, trouwt 10-6-1651, Leiden met Sijmon Janszoon van Velsen, woont aan de Hoge Rijndijk in Voorschoten (Sijmon is een broer van bovengenoemde Neeltje Jansdr
B. Trouwt december 1651: Marijtje Jacobsdochter, weduwe van Willem Joppen Cramson, met haar geen kinderen.

2. Cornelis Louriszoon van ‘t Sloth

In 1646 trouwt Cornelis Louriszoon van ’t Sloth met Geertje Claesdochter uit Stompwijk (gerechtshuwelijk of voor de wet getrouwd). Cornelis is dan zo’n 27 jaar oud. Vier jaar later koopt Cornelis bij de bekende scheepmaker Willeboort Corneliszoon aan het Haagse Schouw een Rijnschip voor 189 gulden. De notaris noteert dat Cornelis aan de Hoge Rijndijk in Voorschoten woont, net als zijn vader, broer Gerrit en zus Huijbertje. In 1655 legt Cornelis (dan 36 jr) samen met andere bewoners van de Hoge Rijndijk waaronder zijn broer Gerrit een verklaring af bij de notaris betreffende de onderlinge afstand van palen in de Oude Rijn. De broers kunnen niet schrijven, plaatsen een merkje als handtekening. De akte bevestigt nog eens dat Cornelis en Gerrit aan de Rijndijk woonden en Leendert, de zoon van Cornelis daar is opgegroeid.

Huwelijksakte Cornelis Louriszoon van der Sloth, 21 mei 1646

Broer Gerrit Louriszoon woonde in de periode van het huwelijk van Cornelis en Geertje aan “de Wadding” aan de Rijndijk en zus Huijbertje die Sijmon Janszoon van Velsen trouwde woont eveneens (buitendijks) aan de Hoge Rijndijk “bij het Haagse Schouw”. De eerste generaties Van ’t Sloth woonden dus dicht bij elkaar, niet ver van het Haagse Schouw, aan Voorschotense zijde van de Oude Rijn. Geertje woont als weduwe van Cornelis Louriszoon of “Kees Louwen” zoals hij ook vermeld staat, ook na zijn dood nog aan diezelfde Westzijde van de Haagse Schouw, in ieder geval van 1669-1673. Maar mogelijk ook later nog, dan bij haar zoon Leen(dert) inwonend. Cornelis Louriszoon is dus in ieder geval voor 1669 gestorven, rond zijn 50e levensjaar.

3. Leendert Corneliszoon van ’t Sloth

(later ook geschreven als Slot en Van der Slot)

In 1674 trouwt Cornelis’s zoon Leendert met Leuntje Jansdochter van Swieten uit Voorschoten. We hebben geen geboortedatum van hem, de katholieke doopboeken van zijn geboortedorp beginnen pas vanaf 1692. Maar gezien het jaar van het huwelijk en dat van zijn ouders is hij tussen 1646 en 1650 geboren. Leendert is in 1685 nog een tweede keer getrouwd, met de Wassenaarse Maria van Brederoode.

1685. 11 februari, tweede huwelijk Leendert Corneliszoon Slot met Marijtje van Breederode

1685: na de gebruikelijke periode van 3 weken na het aantekenen van het huwelijk van Leendert Corneliszoon Slot met Maria van Breederode noteert Harmen de Haen, gerechtsbode van Voorschoten dat er geen “verhinderingen” bij hem zijn aangemeld en is het huwelijk derhalve wettelijk van kracht geworden. Historisch gezien is de schrijfwijze van de familienaam vaak bepaald door wat dorpsbodes en –secretarissen ervan meenden te moeten maken, hier alleen “Slot”.

Leendert was hoogstwaarschijnlijk RK, immers al zijn kinderen waren dat, maar de kinderen van zijn broer Gerrit zijn gereformeerd gedoopt. De oudste twee kinderen van Leendert zijn geboren in Voorschoten weten we uit latere documenten, de anderen in Oegstgeest. Vanaf 1674 staat Leen Kees Louwen (Leendert Cornelisse Louriszoon) in de Voorschotense dorpslasten op een vergelijkbare locatie ingeschreven als waar zijn moeder en overleden vader woonde. In 1681 verandert er iets, vanaf dat jaar staat hij onder de naam Leendert Corneliszn van der Slot in de lijst. In hetzelfde jaar koopt hij een huis aan de Oegstgeestse kant van de Rijn. Waarschijnlijk is hij daar gaan wonen, de jongste kinderen zijn immers in Oegstgeest geboren, hoewel hij ook nog tot 1694 dorpslasten betaalde in Voorschoten. Leendert overleed in 1696. Na zijn dood bleef zijn weduwe Marijtje Corsse Bredero wonen in Oegstgeest, het huis werd pas na haar dood verkocht. Ze kocht weliswaar in 1700 een huis aan de Voorschotense kant van de Rijn, maar betaalde daar geen dorpslasten als inwoner.

Deze stamvader Leendert Corneliszoon van der Slot(h) vormt het vertrekpunt voor het stamboomboek van Bert Hogervorst; voor iedereen die meer wil weten over deze familie is dat boek van harte aanbevolen. Vanaf met name bladzijde 11 vindt u zijn nazaten terug. Hoewel de familienaam Van der Slot afgeleid is van de voorouders Van ’t Sloth die nabij het Haagse Schouw woonden maken nog vele andere familienamen deel uit van de hier besproken stamboom Van der Slot, waaronder de nodige 16e en 17e eeuwse families uit Noordwijkerhout, het Langeveld en Lisse. De familie Van der Slot is al met al dus sterk geworteld in de Bollenstreek.

Het onderzoek naar de oudste stamvaders Van der Slot vond plaats in samenwerking met Willem Heemskerk uit Sassenheim.

Geef een antwoord